Na hersenletsel (bijvoorbeeld CVA, ongeval, tumor), een aandoening van het zenuwstelsel (bijvoorbeeld Parkinson, ALS) of na een operatie in het hoofd- en halsgebied kunnen stoornissen in het slikproces ontstaan. Daarbij loopt bijvoorbeeld speeksel of voeding uit de mond, of het voedsel blijft in de mond plakken. Ook kan vocht of voedsel teruggegeven worden via de neus; of een voedselbrok blijft in de keel hangen en kan niet goed worden doorgeslikt. Er kan ook vocht of voedsel in de luchtpijp komen; meestal gaat dit gepaard met hevig hoesten en benauwdheid (verslikken). Soms is het daarom noodzakelijk het eten via een sonde toe te dienen.

De gevolgen van slikstoornissen kunnen van medische aard zijn (bijvoorbeeld longontsteking bij vaak en ernstig verslikken), maar ook tot sociale problemen leiden (bijvoorbeeld bij restaurantbezoek). Voor meer informatie over slikstoornissen zie:

www.dysfagie.nl

www.dysphagiaonline.com